(door Christian Schmitt)
De heilige Sebastiaan heeft zeker niet zo een alomtegenwoordige traditie achtergelaten als Sinterklaas. Terwijl we nog steeds een Sinterklaasdag hebben, is de dag van Sebastiaan een beetje in vergetelheid geraakt. In de geschiedenis zijn er echter twee verschijnselen te vinden die met deze heilige te maken hebben en heel belangrijk geweest zijn.
Ten eerste was Sebastiaan naast Christophorus en vooral Rochus een belangrijke pestheilige. Als middel tegen de pest was het mogelijk om hem aan te roepen en werden er in zijn naam broederschappen gesticht - met als doel de verpleging en verzorging van de zieken. Aangezien er geen effectieve middelen bestonden, waarmee de ziekte kon worden bestreden, moet men de betekenis van zulke praktische' vormen van heiligenverering niet onderschatten. De verkiezing van Sebastiaan tot pestheilige gaat onder meer terug op de Legenda aurea. De daar vermeldde "groete sterfte" sluit aan het bijbels verhaal van Mozes in Egypte aan. In de legende gaat een duivel - die wel door een engel gecommandeerd wordt (!)- met het venijn van de ziekte van deur tot deur en "alsoe menich werf, als hi een huis sloech, alsoe vele lude storven daerin". De ziekte, misschien de pest, houdt op als men voor Sebastiaan een altaar sticht. Daarnaast worden ook de pijlen, die Sebastiaans marteling begeleiden, met de pest geïdentificeerd. Op afbeeldingen ziet men dan vaak, hoe de heilige de mensen met een mantel tegen deze pestpijlen' beschermt. Het middeleeuwse geloof, dat de ziekte door de vuile' lucht verspreid wordt, heeft daarbij misschien een rol gespeeld.
Sebastiaan-broederschappen
komen we nog in een andere context tegen. Hij wordt ook door de schutters
tot beschermheilige verkozen, wat weer op zijn martelaarschap terug gaat.
Schuttersgilden ontstonden vanaf de late 13e eeuw voor het eerst in Vlaanderen
en Artesië en verspreidden zich daarna vooral in de Lage Landen en in
de Rijnstreek. Men moet bij al deze coöperatieve verenigingen bedenken,
dat zij een belangrijk kenmerk van de laat-middeleeuwse sociale structuur
vormden en zonder de groeiende rol van de steden niet denkbaar zijn. De middeleeuwse
mens was aangesloten bij verschillende dergelijke sociale verbanden, die soms
functies vervulden die wij vandaag van de staat verwachten. De schuttersgilden
waren eerder privé-verenigingen die schietoefeningen hielden, maar
zeker ook (zoals vandaag nog) graag feesten vierden en regelmatige vergaderingen
hielden. Waarom deze schuttersgilden zijn ontstaan, is tot nu toe omstreden.
Een interessante these verbindt het verschijnsel met de reeds genoemde pestbroederschappen.
Als de pest er op een gegeven moment niet meer was, zouden de broederschappen
als schuttersverenigingen voort hebben bestaan. Tenminste bij de schuttersgilden
die Sebastiaan of een andere pestheilige vereerden, lijkt die verklaring mogelijk.
Daar staat tegenover, dat de schuttersgilden Sebastiaan ook vanwege zijn militaire
functie tot patroon gekozen kunnen hebben, zoals dat bij St. Joris ook het
geval is. Met de stadsschutters - zoals de steden die voor hun verdediging
nodig hadden - mag men de schuttersgilden echter ook niet vermengen. Alleen
in geval van oorlog namen zij ook taken in verband met de stadsdefensie over.
Ze werden dan ook door de stedelijke overheid meestal gesteund, zoals we uit
een oorkonde uit Brugge te weten komen. In het jaar 1425 werd daar "bi
der ghemeener wet van Brugghe den goeden lieden van den handboghe houdende,
de ghilde van zinte Sebastiane, binne der stede van Brugghe gheconsenteirt,
dat zi jaerlix van nu voort an hebben zullen van den vors. stede `t ghoent
dat hier naer volght." De stad belooft dan aan de schutters regelmatig
geld en wijn te geven; de schutters moeten weliswaar ook een tegenprestatie
beloven. Bij enkele kerkelijke processies moeten ze bijvoorbeeld beschermend
en/of representatief langs de weg staan, "ter chierlichede van der stede"
(bij Reintges).
(Lit.: Reintges; LMA)